Met het vertrouwen van Filippus

 

De oogst van Samaria

Samaria is de Bijbelse streek, waar het werk van de diaken Filippus goed gedijt. Groepjes christenen zochten na de vervolging in Jeruzalem bescherming in Samaria. Het verhaal over de diaken Filippus in Samaria wijst op de christelijke initiatie langs de sacramenten van doop en vormsel. Het belicht de band tussen Christus en de gave van de Geest en de verbondenheid met de kerk van Jeruzalem.

Tegenslag, oorlog, emigratie drijven nu weer veel mensen naar andere gebieden. Geleidelijk vatten deze voet in hun nieuw land. Gelovigen onder hen zorgen voor het bewaren van hun christelijke roots. Ze dragen aldus bij tot de religieuze verscheidenheid in hun nieuwe heimat. Zij geven kleur aan de Pinksterenwake, waar vele groepen in de hoofdstad aan deel nemen. Paul en Angelique schreven enthousiast over de mooie paasviering in de St-Rochuskerk bij het Brussels Noordstation: “De Kerk was bomvol; 95 % Afrikanen.”

Midden-Oostenexpert Monique Samuel wijst op de invloed in het Westen door opeenvolgende migratiegolven. “God doodverklaren lukt niet meer nu de hoofddoek en talrijke moskeeën het tegendeel bewijzen. Naast Mohammed en Aïcha zijn bovendien ook Mercy en Grace de grens overgestoken. Vele allochtone christenen hebben hun weg gevonden naar onze contreien. Nederland alleen telt een miljoen christelijke migranten. Een aanzienlijke groep die minder schroom voelt om over persoonlijk geloof te getuigen” (Tertio, 9 april 2014).

Een te optimistische klank? Eens bloeiende christenheden uit het Midden-Oosten en uit Noord-Afrika zijn ten onder gegaan. In Europa is veel verdampt en opgedroogd. Vandaar de bange vraag naar de toekomst, zelfs naar de toekomst van de kerken in Afrika en Azië.

Een stevig fundament

Wat moet gebeuren opdat ons dit niet zou overkomen? Allereerst beschikken over een stevig fundament en daar blijven voor zorgen. Dit vinden we niet in ons zelf, maar in een relatie. De verbondenheid met de Heer Jezus. Zo wij in hem vast en stevig gegrond zijn, zijn we bestand tegen storm en ontgoocheling. Jezus’ woorden in zijn afscheidsrede gaan over de opdracht hem lief te hebben. Dit zijn geen ijle en zeker geen sentimentele woorden. Jezus lief hebben, dit houdt in zijn geboden onderhouden. Jezus heeft daarbij gedacht aan de tien levenswoorden - de geboden van Mozes - , maar meer nog aan wat hij zelf heeft gezegd over de Bergrede. Het merkwaardige van Jezus is de wijze waarop hij tot de volledige gave van zichzelf is gegaan. Zijn gebod van de liefde opvolgen, dit betekent in het leven van elke dag consequent en trouw zijn doorheen veel kleine stappen.

 

De verbondenheid met Jezus gaat elke verkondiging vooraf. Ze behoedt er ons voor dat verkondiging hol zou zijn. De tijd van het bange christendom is aan het over gaan. Christenen worden immers meer en meer uitgedaagd.

In de spiritualiteit van Charles de Foucauld gaat het niet allereerst over verkondiging, maar over aanwezigheid. Deze Franse Broeder in de woestijn wist dat je aan geen verkondiging moet beginnen, als het hart en het oor van de mens er niet voor open staan. Zo zei een Kleine Broeder van Jezus, die al veel jaren in Tamarasset woont: “wij zijn geen missionarissen en we hebben daar niet voor gekozen.” Hij verdiende de kost als bakker en leeft als priester met andere Kleine Broeders, op de plaats waar Charles zijn eerste kluis had opgericht. Hij celebreert er voor een kleine groep christenen. Bij hen zijn vaak jongeren uit de Beneden Sahara, die als vluchteling onderweg zijn.

Waarmee een christen niet moet wachten, dat is met dienstbaarheid te beleven. Op liefde en dienstbaarheid staat geen uur! Verkondiging en diaconie gaan bij Filippus samen. Wij vinden bij hem terug wat zo vaak in het evangelie is gebeurd: genezen, bevrijden, verkondigen. Dit weldoende handelen van Jezus en zijn volgelingen wekt dankbaarheid en vreugde.

Met de kracht van de Geest

Het kerkje van Samaria is geen gesloten clubje. Het leeft in verbondenheid met de kerk van Jeruzalem. De jonge kerk in Samaria ontvangt van Jeruzalem bevestiging en kan aldus verder groeien. De apostelen Petrus en Johannes komen naar Samaria om de gave van de Geest in de gemeente op te wekken. Wij mogen de Geest niet opeisen, maar wij bidden om zijn komst. Wanneer de Geest komt, opent Hij perspectieven. Hij helpt ons om meer op Jezus te gelijken. Hij richt ons op de grote gemeenschap van christenen en medemensen.

Na het tweede Vaticaans concilie zijn meerdere christelijke bewegingen gegroeid. Bij een aantal is het enthousiasme van het begin geluwd. De meeste verwachten een grote impuls van het Pinkstervuur. “Gods liefde is belangeloos. Zij vraagt dat wij grenzen overschrijden en muren van onrechtvaardige verhoudingen omverhalen. De heilige Geest werkt door de christelijke gemeenschappen die hoop geven, al zijn hun leden maar arme mensen. De eenheid van de mensen is namelijk Gods verlangen en vloeit voort uit God. Daaruit volgt de afwijzing van het enge nationalisme en de discriminatie” (Chiara Lubich (1920-2008), ze stichtte in 1943 de Focularebeweging).