6e paaszondag 2011 DE GEEST


Pasen is voorbij en we zijn al op weg naar Hemelvaart en Pinksteren en toch wordt er vandaag in het
evangelie gelezen uit de afscheidsrede van Jezus op het Laatste Avondmaal, we
zitten vandaag weer bij het Laatste Avondmaal. Heeft de kerk dan de lezingen
niet goed geordend misschien?
Ik denk dat er toch geen fout gebeurd is.                                                                           
Bij het Avondmaal weten de leerlingen dat het de laatste keer is dat ze met Jezus samen
zitten, want hier juist voor onze passage van vandaag heeft Judas zojuist de
groep verlaten om Jezus over te leveren. De leerlingen zijn er het hart van in
en worden bang. Hoe zal het nu moeten zonder Jezus? Hij heeft hen de ogen
geopend voor waar het in de wereld en het leven echt op aankomt. Zijn woorden,
zijn daden, zijn manier van leven en van met mensen en God omgaan, heeft hen
gegrepen, ze zijn er door geënthousiasmeerd geworden, geestdriftig geworden, ze
willen in die geest verder leven en anderen er deelgenoot van maken. Maar nu
overvalt hen de twijfel en de angst. Hoe moet het dan als Jezus er niet meer
is, als diegene die hen de ogen opent voor wat het leven ECHT kan zijn, die hen
als een gids de weg daartoe toont, die hen kracht en moed geeft en hen
geestdriftig maakt? Ze zijn bang zonder Hem hun geestdrift te verliezen.                                                                                                    
Daarover heeft Jezus het juist in deze passage tijdens het Laatste Avondmaal die we
vandaag lezen.  Geestdrift. Om in die Geest van Jezus verder te kunnen leven,  hebben ze steun nodig, hulp nodig,
bemoediging, drijf-kracht om door te zetten, om be-geesterd te blijven. Daarom
zegt Jezus: ik laat je niet zomaar achter, je zal hulp en kracht krijgen: mijn
Vader zal u de Geest sturen. Ik, zegt Jezus, heb u door mijn manier van zijn  be-geesterd
om de weg te gaan die Ik gegaan ben en ik ben die gegaan omdat de Vader, omdat God,
mij daartoe be-geesterd heeft. Die begeestering zal ook u, na Mij, door de Vader gegeven worden, om op
dezelfde wijze, met dezelfde bezieling, in de zelfde geest verder te gaan zoals
je met Mij gegaan bent. Die hulp en steun die u de ogen en het hart opent, die
u durf, moed en kracht geeft om te leven in dezelfde geest als ik geleefd heb
en die ligt in dezelfde geest als de Vader de wereld droomt, die geest is de
Heilige Geest. De Geest die de wereld moet heiligen, d.w.z. helen en dat
betekent de wereld genezen; genezen van het kwaad, van het onrecht, van de
liefdeloosheid, van alles wat mensen doen dat ECHT leven voor alle mensen verhindert,
verstoort.                                                                                                               
 Die Geest werkt nog altijd verder in de wereld, althans voor hen die zich daar
willen voor open stellen. Die geest zal blijven inspireren, want de wereld
verandert voortdurend, er ontstaan nieuwe situaties –niet altijd te goede-
nieuwe uitdagingen, nieuwe problemen. Er is telkens weer nieuwe wijsheid en
kracht nodig. Maar welke wijsheid en kracht? Die die alles aanpast in het
voordeel van enkelen –zoals de wereld wel zou willen- of die die alles ziet in
het voordeel van alle mensen, zoals God het droomt , juist uit liefde voor alle
mensen?                               
Laat die heiligende Geest maar werken, ook in onze eigen kerk,die op velerlei vlakken in crisis
verkeert.