De bewaker van de poort zei tegen hem: "Zo kan ik je niet binnen laten, maar ga naar de mensen die achter je staan en vraag of iemand uit zijn voorraad goede daden er één aan jou wil geven. Eén is genoeg, dan kun je door de poort naar binnen."
De man liep naar achteren en vroeg aan de wachtenden of ze hem één van hun goede daden konden geven. Maar ieder die de vraag hoorde, keek de andere kant op. Een goede daad weggeven, dat was heel riskant, verbeeld je dat hij er zelf dan een tekort zou komen.
De man begon wanhopig te worden, maar opeens vroeg iemand hem: "Beste man, je kijkt zo verdrietig, wat is er aan de hand?" De man vertelde dat hij één goede daad tekort kwam om in de hemel te komen. "Wel," zei de onbekende, "je mag mijn goede daad wel hebben. Ik heb er maar een, en die zal me niet door de poort helpen."
Blij liep de man naar de poortwachter. "Ik heb een goede daad gekregen." Die vroeg: "Hoe ben je eraan gekomen? Stralend van geluk vertelde de man wat er gebeurd was. De poortwachter lachte en liet de onbekende halen die zijn ene goede daad had weggegeven. Hij zei tegen hen beide: "Geef elkaar de hand en ga samen door de poort naar binnen."
Zoals bijna alle verhaaltjes over de hemel, klopt dit verhaaltje natuurlijk ook van geen kanten, en toch heeft het ons wel wat te zeggen. Goede en kwade daden tegen elkaar afwegen lijkt me een onmogelijke zaak, maar daar gaat het ook niet echt om in dit verhaaltje.
In het evangelie van vandaag hoorden we Jezus zeggen: in het huis van mijn vader is ruimte voor velen. Deze tekst wordt nogal eens bij een uitvaart gelezen, als teken van ons geloof dat de gestorven mens naar de hemel is. Maar de vraag is of het hier wel over die hemel na dit leven gaat.
Het huis van God is veeleer onze wereld hier en nu, en daarin is ruimte voor velen, ruimte voor allerlei soorten mensen. Dat zou tenminste de werkelijkheid moeten zijn. ruimte voor alle rassen en talen, ruimte voor mensen van allerlei culturen, ruimte voor mensen met allerlei godsdienstige overtuigingen en tradities.
De realiteit is helaas anders. Dat weten we allemaal. En juist godsdiensten zijn soms heel erg onverdraagzaam. Vroeger werd er in katholieke kringen wel eens gezegd dat alleen katholieken in de hemel konden komen. Je reinste discriminatie. En ook nu wordt er in kerkelijke kringen wel eens gauw gezegd: jij hoort er niet bij, jij mag niet meedoen.
In zijn huis heeft God ruimte voor velen, maar mensen geven elkaar soms weinig of geen ruimte. Er worden regelmatig mensen in het verdomhoekje gezet. Soms is er misschien wel enige reden voor, als mensen anderen een hoop narigheid berokkenen, maar vaak generaliseert men dit en zijn ook onschuldigen daar de dupe van.
Om een voorbeeld te noemen. Natuurlijk moeten alle vormen van terrorisme veroordeeld worden, maar om dan heel een godsdienstige traditie zoals de islam te veroordelen, dat is een verwildering van de samenleving en dat is een slechte zaak.
In het evangelie vragen de leerlingen naar de weg naar de Vader, naar dat huis van God waarin ruimte is voor velen en Jezus zegt dan: kijk naar mij: ik ben de weg, de waarheid en het leven. En dan zien we een Jezus die in zijn leven ruimte had voor zondaars en tollenaars, die omgang met hen had en hen niet buitensloot, zoals zoveel anderen.
We zien een Jezus die vertelt dat hij 99 schapen achter zou laten om een verloren schaap te gaan zoeken. In ons zakelijk denken is dat absoluut niet logisch, maar voor hem wel. We zien een Jezus die niet naar de prestaties kijkt maar wel of je je talenten goed gebruikt. We zien een Jezus die steeds weer oproept tot delen, al is het nog zo'n klein beetje.
In het huis van de Vader is ruimte voor velen, als wij onze goede daden willen delen met anderen, en het aantal is niet belangrijk. In het huis van de vader kan één goede daad soms meer ruimte scheppen dan een hele serie goede daden die vanzelfsprekend lijken te zijn.