Ruimte voor velen

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden
Is er een leven na de dood, ja of nee? Het antwoord van onze Heer Jezus is zonder meer en overduidelijk: ja!

In de lezing van vandaag zegt Hij: ‘Laat uw hart niet verontrust worden: in het huis van mijn Vader is ruimte voor velen'. Hij zegt dit in zijn afscheidsrede, dus één, twee dagen vóór zijn dood. En duidelijk doelend op zijn dood zegt Hij: ‘Ik ga heen om een plaats voor u te bereiden'. Het is duidelijk dat Hij hiermee niet wil zeggen: ‘Ik ga naar Jeruzalem of naar Jericho of naar een andere stad om een plaats voor jullie te bespreken'. Nee, Hij gaat de dood in om in die dood of na die dood in het huis van zijn Vader een plaats voor ons te bereiden.

Toen Jezus aan zijn kruis hing zei Hij tegen de man die met hem gekruisigd was: ‘Heden zult ge met mij in het paradijs zijn'. Dat zei Hij toen hij crepeerde van de pijn, een paar seconden voor zijn dood. Dan is het wel duidelijk dat Hij met dat paradijs niets anders kan bedoelen dan een plaats waar vrede en geluk de plaats inneemt van die afschuwelijke pijn.

Het antwoord van Jezus op de vraag of er een leven is na de dood is dus zonder meer en overduidelijk: ja. En toch is er soms twijfel in ons hart. Laten wij eens nagaan waardoor die twijfel wordt veroorzaakt of gevoed. Er wordt gezegd, dat te grote welvaart voor heel wat twijfel zorgt. Maar welvaart duurt veel korter dan wij denken, en welvaart is minder betrouwbaar dan het geloof van eeuwen.

Wij hebben de neiging alleen te geloven wat wij met eigen ogen kunnen zien. Maar als alleen maar bestaat wat wij met eigen ogen kunnen zien, dan bestaat er voor geen enkel ongeboren kind een menselijk leven buiten de moederschoot.

Zeker is dat onze twijfel wordt gevoed door de grote zorg voor het leven hier. Als je ziet wat voor machines wij ontwikkeld hebben om een mensenleven te verlengen of te rekken, en hoeveel miljoenen wij uitgeven om een maand of een jaar langer te leven, dan moet je wel gaan denken: hierna komt er niets meer. Maar of dit alles een steekhoudend argument vormt om te zeggen: er is geen leven na de dood, valt toch wel te betwijfelen.

Er zijn mensen die zeggen: leven na de dood voor zoveel miljarden mensen kan niet, daar is geen ruimte voor. Och, toen de aarde nog niet geschapen was, was er nog geen vierkante millimeter voor een mug. En niemand zou toen ooit hebben kunnen geloven dat er een wereld zou komen zo groot als de onze.

Er zijn veel factoren die ons aan het twijfelen kunnen brengen. Maar er is ook een factor die ons geloof ondersteunt. Want wat verlangen wij intens naar geluk. En heeft iemand van ons dat volmaakte geluk ooit gevonden? En toch verlangen wij ernaar; wij streven ernaar; wij kunnen zelfs niet anders. Het is toch niet logisch dat een natuurstreving die ons zo ingebrand is zinloos zou zijn?

Maar als je nu toch twijfelt, als je toch tegen Jezus Christus zegt: maar als het nu eens niet waar is... Dan wordt Jezus niet kwaad; dan zegt hij niet: als je mij niet gelooft, ga dan maar weg. Nee, dan zegt hij: als het niet zo was, dan zou Ik het je toch gezegd hebben.

Iemand die in heel zijn leven getoond heeft een waarachtig en eerlijk mens te zijn, iemand die altijd zo bezorgd was voor anderen, aan zo iemand durven wij ons vertrouwen toch wel te geven? We weten gewoon dat zo iemand ons in zo'n belangrijke kwestie niet voor de gek houdt. Hij zegt: als het niet zo was, zou Ik het u toch hebben gezegd. Dat argument doet voor ons de deur dicht. Daarmee kunnen wij het doen...