Ik ben de deur

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden
Door hoeveel deuren zijn wij vandaag al gegaan? De deur van de slaapkamer, de deur van de keuken, de deur van ons huis, de deur van de auto... Al die deuren geven ons geborgenheid, veiligheid, zekerheid en macht. De deuren maken van een huis een veilig thuis.

Het is dan ook niet te verwonderen dat in bijna alle godsdiensten de deur een bijzondere betekenis heeft. Daardoor wordt het hei­lige afgescheiden van het profane, daardoor wordt de toegang geweigerd voor oningewijden.

Zo heeft de deur een dubbele functie: zij dient om vreemden de toegang te beletten, zij dient ook om toegang te verschaffen aan hen die met het heilige vertrouwd zijn.

Nu zegt Jezus: "Ik ben de deur." Hij zegt niet: "Ik ben ook een deur, die toegang geeft tot God." Neen, Hij zegt: "Ik ben de deur, de enige deur, die toegang verschaffen kan tot het volle leven." In de ark van Noach was maar één deur waarlangs Noach en zijn gezin konden binnentreden om gered te worden. In de tempel was maar één deur, die toegang gaf tot het Heilige der Heilige. Zo ook is Jezus de enige deur die toegang geeft tot het eigenlijke defini­tieve leven. "Niemand komt tot de Vader tenzij door Mij" (Joh.14,6). Met de komst van Jezus is de deur geopend, is de toe­gang tot God weer hersteld. Jezus biedt zich aan als de open deur, zodat wij bij God in en uit mogen gaan, zoals wij in en uit mogen gaan bij onze beste vrienden. Jezus is de doorgang van het onbe­huisd zijn naar de geborgenheid in Gods liefde. In Jezus zijn wij geen buitenstaanders meer, geen ontheemden, maar huisgenoten van God (Ef. 2,19).

Door Hem mogen wij het goddelijk leven bezitten en wel in over­vloed. In Jezus ontmoeten God en de mensen elkaar. "Ik zie de tempel open en Jezus staande aan Gods rechterhand" zegt de ster­vende martelaar Stefanus. Jezus heeft de deur van de hemel wijd geopend voor hen die willen luisteren naar zijn stem.

Nu is het onze opgave, dat ook wij de deur van ons hart wijd openstellen voor Hem, door naar zijn stem te luisteren. "Ik sta aan de deur en Ik klop. Als iemand mijn stem hoort en de deur opent, zal Ik bij hem binnenkomen en maaltijd houden met hem en hij met Mij" (Apk. 3,20). Jezus laat de mensen vrij. Hij nodigt hen alleen uit, maar wil niemand overweldigen. Hij trapt geen deuren in. Het is een vrij heilsaanbod tot voller leven. Maar vroeg of laat zullen de mensen moeten erkennen, dat alleen Jezus de toegang kan openen tot het definitieve heil. Als iemand langs een andere deur wil binnentreden, zal hij geen vrede vinden. Alleen zijn geopend hart, kan aan de mensen die belast en beladen zijn, rust en vrede schenken.

Maar Jezus is niet alleen de deur die toegang geeft tot de Vader. Hij is tevens de deur die toegang geeft tot het hart van de mensen. Waar mensen eerlijk geloven in Jezus, vinden zij ook de toegang tot elkaar. Daar gaan gesloten deuren weer open en worden men­sen bevrijd van achterdocht en angst.

Zoals Jezus zouden ook wij op onze beurt een open deur voor anderen moeten zijn. De man Job kon eerlijk getuigen: "Geen vreemdeling hoefde buiten te slapen, voor reizigers stond mijn deur altijd open" (Joh. 31,32).

Voor andere mensen kunnen wij veiligheid en geborgenheid bete­kenen. Wij moeten bereid zijn de groene weiden met ieder ander te delen, zodat er geen behoeftigen of verstotenen in ons midden meer moeten zijn...