Doop van de Heer (2008)

De lezing van Matteüs is in haar oorspronkelijke versie nauwelijks vijf verzen lang. Wij hebben geluisterd naar een hertaling die het gebeuren in een historisch kader plaatst. Op die manier kan ik mijn commentaar inkorten.

Vooreerst valt mij op hoe dit evangelie een dubbel scharniermoment inhoudt. Enerzijds maakt Jezus een radicale maatschappijkeuze als hij zich door Johannes laat dopen. Laten we niet vergeten dat Johannes enige tijd later gevangen en onthoofd wordt, omwille van zijn persoonlijke kritiek op Herodes, maar natuurlijk ook omwille van zijn "subversieve" leer. Van Johannes wordt vermoed dat hij verwant was aan de Essenen, een sekte die zich afzette tegen het establishment van de Farizeeën. Johannes hield van deze sekte een aantal thema's zoals de zuivering en de radicale bekering, maar hij richtte zich duidelijk tot de brede lagen van de bevolking. De doop van Jezus was dus geen puur individueel religieus bekeringsmoment: ze was een inwijding in een "staatsgevaarlijke" beweging. Dat is het eerste scharniermoment.

Het tweede scharniermoment is de mystieke openbaring van God, die gepaard gaat met een religieuze zending. Jezus krijgt daar, in het water van de Jordaan, zijn officiële en publieke missie. Die ene zin "Dit is mijn Zoon, mijn geliefde, in wie ik welbehagen heb" houdt een liefdesverklaring, een bevestiging én een zending in. Die zending is als dusdanig niet rechtstreeks uit Gods uitspraak af te leiden, maar de hele context roept ze op. Johannes en de ganse gemeenschap ter plaatse spraken over niets anders dan over een nieuwe Messias en een bevrijdingsbeweging. Enkele woorden uit de hemel waren voldoende om dit verlangen om te zetten in een mandaat, een startschot. Maar bovendien laat de verwijzing naar Jesaja meteen ook vermoeden over welk type zending het gaat: het is geen opstand van een guerrillagroep, geen politieke revolutie, maar een liefdevolle, bevrijdende, verlichtende boodschap.

T.o.v. de boodschap van Johannes kan dit gezien worden als een verdere accentverschuiving. Johannes had een hardere, meer dreigende stijl aan het adres van het establishment. Voor hem "lag de bijl al klaar aan de wortel". Jezus zou meer nadruk leggen op de centrale rol van de liefde, en de bevrijdende kracht van het geloof. Maar laat ons liever over de verschillen heen zoeken naar de continuïteit tussen beide figuren: tenslotte heeft Jezus heel bewust gekozen om toe te treden tot de beweging van Johannes. Wat hen verbindt is eenzelfde heldere, radicale kijk op het Rijk Gods en hun ijver voor gerechtigheid. Beiden benadrukken Gods keuze voor de armen en zondaars.

Wat mij in dit evangelie het meest treft is dat beide scharniermomenten: het maken van een maatschappijkeuze enerzijds, en het sacrament van de doop anderzijds, bij Jezus zo onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Je zou het zelfs zo kunnen uitdrukken, dat God de toetreding van Jezus tot de beweging van Johannes bekrachtigt en heiligt. In onze traditie is het doopsel misschien wat uit zijn maatschappelijke context gerukt, doordat baby's bij hun doopsel geen maatschappijkeuzen kunnen maken. In het vormsel gaan jongeren een hele stap verder. Maar ook op 12 jaar heb je nog weinig van de wereld gezien... Het lijkt me een permanente opdracht om, telkens wanneer wij onze doopbeloften hernieuwen, bv. bij dooprituelen of tijdens de paaswake, dieper te graven naar de maatschappijkeuze die in het doopsel vervat zit.

Lied 610: "Hoort hoe God met mensen omgaat" (strofen 1, 12, 13)

Daarnet hadden we het over de band tussen de maatschappelijke en religieuze dimensie van het doopsel. Er is nog een andere boodschap in de lezing, die mij telkens weer doet huiveren van ontroering. Dat is die ‘stem uit de hemel'. Stel je voor! God himself speaking on the phone! Hij, over wie slechts zelden en onrechtstreeks een tip van de sluier opgelicht wordt, hij die gehuld gaat een nevel van mysterie, komt even op het voorplan en spreekt één zin uit. Maar wat voor een uitspraak! Voor Jezus moet dit geklonken hebben als: "Jij bent mijn toekomst, mijn uitzicht, het kind waar ik zielsveel van hou. Al wat jij doet gaat mij ter harte. Ik stuur je uit om mijn Rijk te vestigen onder de mensen. Ik zal met jou verbonden blijven, wat er ook gebeurt."

Het zal je maar overkomen, dat God zo - privaat of publiek - over jou spreekt. Dit zal zonder twijfel in Jezus' geheugen gebrand gebleven zijn, tot hij drie jaar later op het kruis verging van de pijn. Zulke woorden hebben de kracht van een catapult - neen, van een raket. Als de liefdesverklaring van een mens je al vleugels geeft, hoeveel te meer dan die van God! Laten we wel wezen: de uitspraak ging over Jezus, en is niet zomaar automatisch van toepassing op elk van ons. Maar Jezus sprak voortdurend over God als de Vader van alle mensen, die elk gebed verhoort en veel kamers heeft in zijn huis. Die waterval van liefde, die onuitputtelijke bron, dit eeuwige appèl gaat niet aan ons voorbij als wij kiezen om dezelfde doop te ondergaan als Jezus. Hebben jullie ooit zo'n moment meegemaakt, dat de hemel boven je openging ? Het gevoel, dat God je zegt: "dit heb je goed gedaan. Doe zo voort. Ik hou van jou."?

Je kan zo'n ervaring ook meemaken bij iemand uit je omgeving, die door zijn/haar evangelisch engagement bij jou het beeld oproept van een Messias. We hebben behoefte aan zulke getuigen. Bart Peeters verwijst in zijn lied naar iemand die je zonden vergeeft, iemand die mee met je lacht, die niet in glamour leeft... een Messias die authentiek blijft en zich niet laat vangen door macht of corruptie.

Tenslotte wil ik nog even stilstaan bij die duif uit het verhaal: de Heilige Geest, die niets zegt, maar "neerdaalt" en zoveel meer bewerkstelligt dan een symbolische aanwezigheid. Wij kennen de duif als een boodschapper van hoop (ik denk aan de duif die het einde van de zondvloed aankondigt), of de postduif vanuit belegerde steden, of het koppel tortelduiven als symbool van liefde. De Heilige Geest is hier ook de werkzame kracht van Gods liefde, die mensen met elkaar verbindt en ons begeleidt in onze zending. Ik heb ooit de lessen kenleer gevolgd bij Prof. Van der Veken, die elke les begon met een gebed tot de H. Geest. Hij was inderdaad een ‘begeesterd' man, bij wie het geluk en de wijsheid van zijn gezicht afstraalden. Kunnen we die aanwezigheid van de H. Geest nog herkennen in onze omgeving? Ik nodig jullie uit om straks, na de communie, dergelijke herkenningsmomenten met elkaar te delen. Heb jij misschien ooit de hemel zien opengaan? Heb jij ooit de duif zien hangen?