18e zondag door het jaar A - 2026

'In die tijd voer Jezus in een boot naar een gezamenlijke plaats om alleen te zijn.'

Zusters en broeders, misschien vragen we ons af waarom Jezus alleen wil zijn. Het antwoord vinden we in wat onmiddellijk aan dit evangelie voorafgaat: enkele leerlingen van Johannes de Doper vertellen aan Jezus dat Johannes in de gevangenis is vermoord. Misschien is Jezus zo heftig geschrokken dat Hij alleen wil zijn om het te verwerken. Misschien wil Hij troost zoeken bij zijn Vader in de hemel. Misschien wil Hij Hem zelfs vragen of Hij zijn zending mag ontbreken, omdat Hij vreest hetzelfde lot te ondergaan als Johannes. Wij weten dat dit inderdaad gebeurt: Hij wordt vermoord omdat hogepriester Kajafas dat eist.

Maar hoe dan ook, Jezus' zoektocht naar eenzaamheid levert niets op, integendeel, een hele massa gaat Hem achterna. Hij is zo vloeiend dat hij terug aan land komt, hen onderricht en hun zieken geneest. 's Avonds willen zijn leerlingen de meer dan vijfduizend mannen, vrouwen en kinderen naar huis sturen, of naar dorpen in de buurt waar ze eten kunnen kopen, maar reageert Jezus naar ons herhaaldelijk heel merkwaardig: 'Geef gij hun maar te eten', zegt Hij. Maar hoe moeten de leerlingen dat doen? Hoe zouden zij genoeg eten hebben voor zo'n massa? Ze hebben maar vijf broden en twee vissen op voorraad. 

'Geef gij hun maar te eten': het zijn woorden die Jezus nochtans ook tegen ons zegt. Want ook wij worden geconfronteerd met heel veel mensen in nood. Dus moeten we ons afvragen hoe we reageren. Hebben wij dezelfde neiging als de apostelen, namelijk hen wegsturen en zeggen: 'Zorg maar voor jezelf. Wij hebben jullie niet beroepen om hier te komen. Trouwens, hoe willen wij jullie in godsnaam kunnen opvangen? We zijn maar gewone mensen, we hebben dus geen miljoenen in overschot. Bovendien hebben we recht op privacy en op tijd voor onszelf. Zorg dus voor jezelf, en als dat niet lukt, moet je maar ergens anders hulp zoeken, en daarvoor betalen.'

Precies in dat verband moet onze aandacht nu uitgaan naar het vervolg in het evangelie. En wat hoorden we? Dat Jezus de vijf broden en twee vissen nam, zijn ogen ten hemel sloeg, de zegen uitsprak, de broden brak en tegen zijn leerlingen zei dat ze die onder het volk verdeelt. En daarmee toont Hij aan wat we moeten doen. Vooreerst ons gericht tot God, want zonder Hem en zonder Jezus brengen we er niets van terecht, wat het ook is. Maar met zijn hulp onderweg vragen we ons af. Van de vijf broden en twee vissen schieten niet minder dan twaalf volle korven resten over. Waarom? Omdat Jezus de broden had gebroken en ze daarna had verdeeld. Breken en delen … het is de boodschap die we in de consecratie horen, en Jezus sprak iets toe: 'Blijf dit doen om Mij te gedenken.' Blijf dus breken en delen, leef niet alleen voor jezelf, sluit jezelf niet op in bezitsdrang en egoïsme, maar leef ook voor je medemensen.

En die boodschap sluit perfect aan bij de dag van vandaag. Het is volop vakantie, en daar willen we wel eens van genieten, dus gaan velen onder ons echt op vakantie. Voor enkele dagen, voor een week, voor veertien dagen, misschien nog langer. Dat doen we niet alleen om iets nieuws te zien, om iets te ontdekken, maar ook om er eens uit te zijn. Om eens verlost te zijn van de dagelijkse drukte, van ons werk, van onze collega's, eigenlijk van alles. En dat mondt uit in heel veel tijd om te breken en te delen. Want vakantie mag niet zijn dat we ons in onszelf afsluiten, en alleen aan onszelf denken. Het moet een tijd zijn waarin we openstaan, waarin we meeleven met onze medemensen. Waarin we vreugde en plezier delen, maar ook oog en oor hebben voor pijn en verdriet. Wil je zo ontstaan ​​er overschot in onze relatie en in onze contactpersoon met al onze medemensen.

Zusters en broeders, vakantie is een heerlijke tijd. Een tijd waarin we echt tijd hebben, en die kan voor ons en onze medemensen zoveel goeds en zoveel overschot opbrengen. Laten we het beste doen om ons werk te maken. In het zien evangelie kunnen we bereiken met breken en delen: genoeg, zelfs overschot voor iedereen. En als we God en Jezus niet vergeten, kan het helemaal niet meer stuk zijn. Amen.