Luister naar Mij: dan eet gij wat goed is (Jes. 55,2)

Op 4 augustus 1914 vielen Duitse troepen België binnen. Vanaf de eerste dagen is er terreur en is de schade aan mensenlevens en patrimonium heel groot. In Aarschot schieten op 18 augustus soldaten de burgemeester, zijn zoon en 154 burgers dood. In Dinant staat aan de Muur van Tschoffen een monument voor 674 burgers, gefusilleerd op 23 augustus 1914. Twee dagen later: ravage in Leuven, de universiteitsbibliotheek in brand, honderden woningen vernietigd, 209 burgers gedood. Op 4 september brandt Dendermonde. Het was nog maar het begin van de grote Oorlog, die zou duren tot 11 november 1918 en die eindigt met de grote wens: Nooit meer oorlog.

Wat hebben we geleerd? Honderd jaar later: oorlog in Oekraïne; 298 dodelijke slachtoffers bij een neergeschoten vliegtuig; in Israël-Palestina, al meer dan 1900 doden; in Irak vluchten de christenen weg uit Mosul voor de islamitische terreurbeweging ISIS….

Blijven we wakker voor vrede?

*******

Wanneer Pater Werenfried van Straaten vertelde over Oostpriesterhulp, sprak hij over de verhalen uit het evangelie, waarin de Heer de hongerige spijzigde en zorgde voor wijn in overvloed. Brood valt zomaar niet uit de hemel. Wat wij zelf aanbrengen, omvormt God tot wanneer het volstaat voor iedereen. In Kana moeten eerst de kruiken met water gevuld worden. Voor de menigte op de eenzame plaats worden vijf broden en twee vissen aangebracht.

Wij doen de Bijbel onrecht aan wanneer wij deze in de geest van de Verlichting uitleggen alsof hij enkel maar zegt dat wij moeten delen. De spekpater heeft zowel materiële als geestelijke nood gelenigd.

De vraag in het Westen naar spiritualiteit en zingeving is een tegenwicht voor een cultuur van verzakelijking en vervlakking. Het volk zal pas echt leven, wanneer het eet van Gods woord. Verspil je geld niet aan Ersatz (Jesaja).

Gods goede woord

Het christendom blijft de drager van een zinvolle boodschap. Waarom lopen mensen voorbij de bron van levend water (Ps. 36,8-13)? Hebben ze de smaak verloren of hebben wij de bron vergiftigd?

Willem Vermandere drukt het nogal scherp uit: “Ik heb gebroken met de formaliteiten, met een aantal wetten en dogma’s. Die man van Rome, en het gros van paters en pastoors zegt mij al lang niets meer. Heel veel van die mensen hebben niets te vertellen, tenzij clichés. Alleen heel af en toe gebeurt het toch nog eens dat een pastoor een bedienaar van het woord is. Ik ben ook een bedienaar van het woord, als zanger dan, die op zoek gaat naar inzicht in een wereld, in het raadsel. Ik doe dat vooral met mijn verbeelding, met kleine anekdotes. Ik ervaar keer op keer met een lied dat ik met mijn verbeelding dichter bij de waarheid kom dan wanneer ik er een historisch verslag van zou maken” (Bezinningsdag God in letters, Abdij Keizersberg, okt. 1998).

De toewending naar mensen.

Gods Woord is krachtig en blijft niet vruchteloos (Jes. 55,11). Met zorg wendt Jezus zich naar de mensen. Hij wil voor hen voedsel zijn. De broodvermenigvuldiging is een voorspel van het Laatste Avondmaal. “Neem en eet.” Jezus wendt zich naar mensen toe, opdat wij ons op onze beurt naar elkaar toewenden. ‘Toewending’, een mooi woord om een houding in de zorg weer te geven.

Een bejaarde overleed in het psychiatrisch centrum. Zij verbleef er vijftig jaar. Bij de uitvaart zaten aan de voorbehouden kant voor de familie slechts twee personen, verre verwanten. Zij kwamen geregeld op bezoek, al woonden ze ver in het andere landsgedeelte. Achtendertig jaar lang hebben zij dit gedaan, want zij hadden dit ooit aan haar moeder beloofd.

De taak van de leerlingen

Pierre Talec is een Franse priester, schrijver van boeken over theologie en spiritualiteit. Ziekte heeft zijn leven veranderd. Hij heeft van binnenuit ervaren wat eenzaamheid betekent. Ze heeft een scherpe kant en een zalige kant. Hij getuigt in zijn boek over de eenzaamheid en hoe hij de eucharistie beleeft:

“Vrij jong ben ik getroffen geweest door wat Pascal noemt: ‘de ellende van de wereld’. Materiële nood, maar vooral morele; de twee gaan vaak samen. In onontwarbare toestanden en bij zware vereenzaming, waar ik getuige van was, volstaan het medelijden, de onderlinge hulp, de warme medemenselijkheid niet om te doen wat alleen de God van het onmogelijke tot stand kan brengen. Om dit te doen, tenminste gedeeltelijk, om het vertrouwen te geven dat zijn woord bevrijdend is, komt het mij voor dat God de priester heeft uitgevonden, alsof Christus hem zijn woord en stem wil lenen om zijn woordvoerder te worden. Om aan de Zoon van God toe te laten dat hij kan realiseren wat hij tijdens zijn verblijf op aarde beloofd heeft.

De priester is gewijd om de sacramenten te vieren, om verzoening te brengen. Hij vervult ten volle zijn rol van portier, door mensen uit te uitnodigen binnen te treden in het nieuwe leven, door hun de mogelijkheid te geven zich in het leven te herpakken en opnieuw geestelijk gezond te worden. Wanneer hij in de eucharistie de woorden uitspreekt: ‘tot verzoening van de zonden’, herinnert de priester eraan dat wij echt vergeving kunnen bekomen. Wij kunnen van God meer leven ontvangen dan wat door de zonde is aangericht. ‘t Is dwaas priester te zijn! Ik ben wellicht altijd een beetje dwaas geweest, uitgemaakt voor een dichter en een origineel. Misschien was dit al een teken van roeping. Ik voelde dit goed aan. Maar het volstaat niet om de sacramenten “toe te dienen”, o wat een komiek woord. De sacramenten moeten omgezet worden tot leven. Welke stap vereist dit? Deze van de liefde! Wij beantwoorden de roeping tot het priesterschap niet alleen op een edelmoedige wijze, maar vooral op de wijze van een verliefde.

Met het verloop van tijd, zie ik doorheen mijn verschillende taken een vaste lijn: op de een of andere wijze mensen helpen om zich met zichzelf te verzoenen. Is dit niet eveneens een vorm van beminnen? De obsederende schuldgevoelens wegvagen, die zoveel mensen vergiftigen en die hen in zichzelf opsluiten?” (Pierre Talec, La Solitude douce-amère, Centurion, Parijs, 1999).

De sacramenten van verzoening en eucharistie tonen de kracht van Gods liefde. Ze bevrijden wie in zelfzelf opgesloten zit, die angst heeft en niet meer kan genieten en glimlachen.

De geur van de kudde

Een herder die zich opsluit, is geen echte schaapsherder, maar een schaapscheerder, die met de vachten bezig is, in plaats van op zoek te gaan naar de verloren schapen. Paus Franciscus verwoordde in zijn eerste Chrisma mis in Rome zijn verwachtingen over de priesters. Dat ze mannen van toewijding zouden zijn, die de geur van de schapen ruiken. “ Dat verzoek ik u: wees herders met de geur van uw schapen; dat men hen kan ruiken – herders te midden van hun kudde en mensenvissers.”

Wie zulke wegen gaan, kunnen er hun leven bij laten. Bij de burgeroorlog in Syrië werd de Nederlandse jezuïet Frans van der Lugt (°1938) vermoord op 7 april 2014 in de stad Homs. Hij was vijftig jaar lang met dat land verbonden. Sinds 1993 werkte hij in Homs, waar hij bij jongeren werkte met een beperking en waar hij zorgde voor de zwakken die niet weg konden uit de belegerde stad. Dit waren zowel de kleine groep christenen als de bedreigde moslims en vele vluchtelingen. Zoals zoveel missionarissen was Frans van der Lugt niet van plan voor geweld te wijken. “Ik blijf bij mijn mensen. Ik ben de herder van mijn schapen.” In het julinummer van Streven 2012 bracht hij een getuigenis over het lief en leed in Homs.

Pater van der Lugt was gewaardeerd door christenen en moslims, die hem nu eren bij zijn graf. Een man van toewending tot het einde. Uit dit leed kan hoop oprijzen. Het bloed van martelaren dat zaad wordt voor de toekomst. Dit zei in Brussel de Chaldeeuwse bisschop van Aleppo Antoine Audo, directeur van Caritas op de Werelddag van de vluchtelingen in Caritas international op 20 juni 2014. Paus Franciscus verklaarde naar aanleiding van de moord op zijn medebroeder jezuïet: “Maandag werd in Homs, Syrië, pater Frans van der Lugt, mijn 75-jarig oude Nederlandse medebroeder, vermoord. Hij kwam ongeveer 50 jaar geleden aan in Syrië en zette zich steeds in voor iedereen, met hartelijkheid en liefde. Hij werd graag gezien en geëerd door zowel christenen als moslims.

Zijn brutale moord heeft mij diep bedroefd. Het herinnerde me opnieuw al die mensen die in dat gemartelde land lijden en sterven. Reeds al te lang is dat land het slachtoffer van een bloedig conflict dat doorlopend dood en vernieling veroorzaakt. Ik denk ook aan al die mensen die gekidnapt zijn - christenen en moslims, Syriërs en mensen van andere landen, onder wie bisschoppen en priesters. We vragen de Heer dat Hij mag toelaten dat zij snel terugkeren naar hun geliefden, hun families en gemeenschappen."

Met heel mijn hart vraag ik u allen om samen met mij te bidden voor vrede in Syrië en in de hele streek. Ik doe een diep gemeende oproep tot de Syrische leiders en tot de internationale gemeenschap: doe de wapens zwijgen! Stop het geweld! Geen oorlog meer! Geen verdere vernietiging! Laat er respect zijn voor het humanitaire recht, zorg voor mensen die humanitaire bijstand nodig hebben en laat de vrede waarnaar we verlangen er komen doorheen dialoog en verzoening." (audiëntie van 9 april 2014).