De tegenzaaier (2008)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 121 niet laden
* Na de beroemde parabel van de zaaier, brengt het evangelie ons vandaag de sinistere figuur van de "Tegenzaaier". ‘s Nachts strooit hij tussen het goede koren "zizania" (schijnkoren, raaigras of dolik). In de nacht: ongezien, heimelijk. Doorheen heel het evangelie wordt die mysterieuze macht van het kwaad als een persoon voorgesteld. Ook heel het leven van Jezus lijkt een duel met hem: vanaf zijn bekoringen in de woestijn tot in zijn afscheidsrede: "De vorst van de wereld is op komst" (Joh 14,29), en tot in het hoogpriesterlijk gebed: "Vader, Ik bid U dat Gij de mijnen bewaart voor de kwade" (Joh 17,29). Tussendoor leerde Jezus ons bidden: "Verlos ons van de kwade". In het Hebreeuws en het Aramees bestaan "het" kwaad niet. Jezus sprak in elk geval van "de" kwade.

* In een tijd waarin men een persoonlijk gelaat achter het kwaad wil wegwuiven, valt het te melden dat niet alleen ook onze laatste pauzen, een kardinaal Suenens en theologen van formaat, maar zelfs figuren uit de wereldliteratuur, de realiteit van de Satan luidop zijn gaan herhalen. Voor de Russische auteur Mikhaïl Boulgakov, zoon van een orthodox priester-theoloog, is de duivel helemaal geen mythe zoals bij Faust. De grote denker John Henry Newman was er van overtuigd dat wij leven op de oppervlakte, zonder te beseffen hoe heel wat zaken door krachten vanuit de diepte worden gestuwd. De wijsgeer Jean Guitton schreef onder "Le soleil de Satan" dat het juist zijn tactiek is zich te vermommen en in zijn niet-bestaan te doen geloven: "Le Malin est malin".

 

1. De parabel stelt de weelderige aanwezigheid van het kwaad in de wereld als een feit.

 

- In de bijbel zijn er vijfhonderd passages die handelen over de woekerende realiteit van de zonde. Het kwaad vermengt zich en verstopt zich tussen het goede, zoals de schijntarwe zich verbergt tussen de echte tarwe. Het kwaad dient zich aan onder de schijn van het goede. Het blijft de mens moeilijk het goede als goed en het kwade als kwaad steeds te erkennen en te onderscheiden.

- Twintig eeuwen evangelisatie hebben het kwaad niet uitgeroeid: Daar is het kwaad dat uitgaat van onze materialistisch zelfzucht, zichtbaar in de zovele vormen van onrechtvaardigheid. We zien de vruchten ervan op wereldschaal: armoede, honger, ziekten en dood in schril contrast met de promotie van het luxetoerisme en het verkwisten van miljarden voor nutteloze prestigeprojecten. Daar is de haat, voelbaar in families, tussen gemeenschappen en volkeren, die zelfs uitgroeit tot bloedende wereldconflicten. Daar is de dodende onwetendheid en de desinformatie waarin politici en media niet altijd vrij uitgaan; de wereld van het beeld waarin porno en geweld de samenleving steeds maar verzieken. Dan spreken we nog niet over de wassende etterbuil van het satanisme dat schrikwekkend over de wereld langs diverse kanalen infiltreert. De zonde, de afwezigheid van God, is de crisis van Europa. Men vergeet het prangende woord van Jacques Delors, voorzitter van de Europese Commissie in 1992: "Indien we er niet in slagen Europa in de volgende tien jaar een ziel, een spiritualiteit te geven, zijn wij aan het verliezen". Die tien jaar zijn nu voorbij.

 

2. Het antwoord van het evangelie is het mateloos en wijs geduld van God.

 

- Bij ons leeft vaak de neiging met de zonde kort spel de maken. Dat was ook de gezindheid van Johannes de Doper: "De bijl ligt reeds aan de wortel... Hij zal zijn dorsvloer grondig zuiveren" (Mt 3, 10-12). De leerlingen hadden ooit vuur willen afsmeken over de Samaritanen als direct ingrijpen van God (Lc 9,54). Sommigen zouden aanstonds een zuivere kerk willen zonder smet of rimpel. Vooral sekten willen dat. * Schuilt het kwade vaak onder de schijn van het goede, soms verbergt het goede zich ook onder de kleur van het kwade. De Rabbijnen van Jezus' tijd waren bezig veel goeds als zonde te duiden: Jezus zelf was zwaar zondig in hun ogen. Maar Jezus keek naar het hart, de binnenkant van de mens: "Niet wat van buiten komt bezoedelt de mens, maar wat vanuit hem komt..." (Mt 15,18-19). Uiterlijke rituelen dekken niet altijd de ware deugd. * Goed en kwaad leven ook door elkaar. Zelfs in de groep van de apostelen. Niemand van ons is volmaakt zuiver en niemand is heel pervers. In een wereld van zonde was Jezus' licht als een reddende sonde uit de hemel. Zijn hart stond wagenwijd open voor de zondaar, niet voor de zonde. Hij zei dat we 70 x 7 x moesten vergeven (Mt 18,19). Niet verdelgen maar redden. Hij gaf de zondaars tijd en kansen. Jezus stond niet te trappelen voor een drastische zuiveringsoperatie. Uiteindelijk zal God oordelen. God ziet juist. Alleen zijn oog heeft een objectieve kijk. Paulus zei het raak: "Oordeel niet voorbarig voordat de Heer gekomen is. Hij zal wat in het duister verborgen is, aan het licht brengen, en openbaar maken wat in de harten omgaat..." (1 Kor 4,5). Daarom zegt de heer van de oogst: "Ik ben bang dat ge, wanneer ge het onkruid bijeengaart, de tarwe mee uittrekt. Laat beide samen opgroeien tot de oogst". De oogst komt later. Pas op het einde zal de juiste schifting gebeuren.

- Geduld met het kwaad betekent niet een goedkeuring ervan. De omstreden Franse filosoof en agnost Bernard-Henri Lévy schreef in zijn boek "La pureté dangereuse" (de gevaarlijke zuiverheid) dat de Kerk lof verdient door in haar schoot het zuivere en het onzuivere, het sterke en het zwakke... samen te laten leven. Daarin ziet hij voor de Kerk een rol van algehele verzoening en vergeving. We geloven dat God de laatste woord heeft in de geschiedenis. "Van ieders werk zal de kwaliteit aan het licht komen... Het vuur zal uitwijzen wat iedereen waard is." (1 Kor 3,13).