Weest als zuurdesem!

Beste vrienden,

Een grote emmer zuiver water, en dan één druppel vervuild slootwater, en al het water is bedorven en ondrinkbaar! Een emmer stralend witte verf, en dan een klein scheutje zwart en alles wordt grijs!

Iets bederven gaat meestal heel snel. En als het dan is gebeurd, kan het niet meer, of slechts met heel veel moeite, terug gezuiverd worden. Het vergt veel minder tijd om iets te vernielen, dan om het op te bouwen of te herstellen. Die ervaring kan ieder van ons, elke dag opnieuw, zelf opdoen. Van het slechte heb je altijd maar een kleine dosis nodig. Vernietiging, vernieling, al wat slecht is, gaat blijkbaar als vanzelf. Het goede is daar in de praktijk helemaal kansloos tegen. Het slechte, het boze, verbreidt zich als bij toverslag, moeiteloos en adembenemend snel! En het goede heeft bijna altijd het nakijken. Onze dagelijkse ervaring lijkt dat ook altijd weer te bevestigen.

“Neen”, zegt Jezus in het evangelie van vandaag, onze ervaring bevestigt dat niet! Kijk maar naar de zuurdesem”! Het evangelie van vandaag werkt op die fatalistische zichtwijze als een onderbreking. Als wilde Jezus ons de werking van dat zuurdesem in het deeg in herinnering brengen. Het zuurdesem dat door de vrouw met het meel wordt vermengd en gekneed tot het deeg er gans van doordrongen is. Het is alsof Jezus ons wil zeggen dat het omgekeerde ook mogelijk is. Niet alleen het kwaad veroorzaakt grote kringen, het goede doet dat ook! Ook wanneer we het dikwijls niet opmerken: het doet het zelfs veel vaker als wij denken.

En dat voorbeeld van de zuurdesem in het deeg is echt geniaal! Dat middel om het deeg luchtig te maken en te laten rijzen, dat waarschijnlijk reeds in het oude Egypte werd ontdekt, ontstaat uit een mengsel van meel en water onder invloed van de warmte en bepaalde micro-organismen die zich in het meel en in de lucht bevinden. En die micro-organismen zijn doorslaggevend! Ze werken, ze verzuren de ganse grote trog meel. En dat doen ze gans alleen. Want ze zijn levend!

Dat geeft de doorslag, want iets wat leeft laat zich niet ophouden. Net zoals een kleine scheut klimop, die zich aanzet om tegen een muur naar boven te klimmen, uiteindelijk uitgroeit tot een reuzen vlechtwerk van takken en bladeren. Een vlechtwerk dat uiteindelijk de betonwoestijn terug verovert voor de levende natuur.

Beton is een dood iets, en kan tegenover het leven niets inbrengen. Maar het klimopscheutje is vol leven. En dat leven zet zich door, het vindt altijd een weg.

En het goede? Het goede staat aan de kant van het leven! Want de goede God is een God van het leven, en Zijn rijk, Zijn heerschappij, zal zich evenzeer doorzetten als die kleine scheut tegen de betonmuur!

Dat is de goede boodschap van vandaag – een goede boodschap voor al diegenen die zich voor het goede inzetten, in het gezin, in de school, in het verder reiken van het geloof. Het is gewoon de goede boodschap voor iedereen die zich geroepen voelt om in het pastoraal te werken. Wij strijden echt niet voor een verloren zaak zoals dat zuivere water tegen het vervuilde slootwater. Wij staan aan de kant van het leven, dat door zijn levendigheid uiteindelijk al wat dood is zal omhullen en nieuw leven zal inblazen.

Het rijk der hemelen is als een stuk zuurdesem dat door een vrouw in een grote trog met meel wordt gemengd en doorkneed tot een homogeen deeg. Want het leven vindt altijd zijn weg. En vooral: het breekt uiteindelijk altijd door!  Amen