10e zondag door het jaar A (2005)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 213 niet laden
De tekst van de 1e lezing komt al gauw over alsof je voor het blok wordt gezet: zegen als je gehoorzaamt en vloek als je niet gehoorzaamt. Maar in zo'n sfeer is Deuteronomium niet geschreven. Op het eind van het boek staat, als een soort afsluiting (30,19): "Leven en dood houd ik u voor, zegen en vloek. Kies het leven ...". 'Kies het leven als invulling van wat jullie hebt ervaren vanaf Egypte tot nu toe in het Beloofde Land.' Dat is de teneur: kiezen.
Wat jullie hebt ervaren staat in de Tora bijeen gezet, verwoord. Prent die woorden in je hart, geef ze een plaats in je leven, zoals je vanuit je hart graag wilt leven. Leven, uitleven in denken en doen: houdt deze woorden in je hand als je doet, houdt deze woorden in je hoofd als je denkt, zoals een hoofdband je hoofddoek vasthoudt. Doe en denk naar de Heer toe, dan zit je goed.
Loop niet achter vreemde goden aan hier in Kanaän, goden die jullie niet hebt leren kennen zoals je de Heer hebt leren kennen; jaag niet consumptiedrang na, voorbijgaande dingen die geen voldoening geven, je leven niet invullen, je geen kracht geven. Zoek je heil bij de Heer bij wie je kunt schuilen, op Wie je kunt rekenen, van Wie je kunt vragen dat Hij je rots is. En als je dan weer hebt ontdekt, zelf hebt ontdekt dat Hij je rots en burcht is, dan is er geen sprake van dwang maar van eigen keus. Een keus die je in dankbaarheid maakt - omwille van Zijn Naam, JHWH, 'Ik-ben-er'.

Het evangelie kan ook de indruk wekken dat er dwang wordt uitgeoefend. Jezus heeft het over de wil doen van zijn Vader. Je zou nog kunnen zeggen dat als Jezus de wil van zijn Vader wil doen - dat moet hij dan zelf weten, maar ... ik? Ja inderdaad: ik. Als ik zijn volgeling wil zijn, als hij mijn burcht is, is het dan gek om ook nog verstandig te zijn? Verstandig als de man die zijn leven bouwt op God? Jezus koos er zelf voor om de wil te doen van zijn vader in de hemel, helemaal, en hij biedt ons aan om ons op die rots te zetten - doordat wij naar Hem horen en doen wat hij zegt tilt hij ons op. Het stukje evangelie van vandaag is ook weer een soort afsluiting en wel van de het leergedeelte van Mt, dat de Bergrede als pronkstuk heeft. Ook hier weer een aanbod: als je doe als ik - we mogen zelfs zeggen als je doet samen met mij - dan stel ik je veilig, tast het kwaad, het onheil jou niet aan.
Doen als Jezus is niet zo maar wat. Op de dag dat het erop aankomt, op "die dag", is men nogal gauw geneigd om hulp te roepen en argumenten te gebruiken als "Hebben wij niet in uw naam .... ? " Als het om mensen gaat die ooit wel eens iets hebben gedaan, is het logisch dat Jezus zegt dat hij hen niet kent. Maar als nou het om mensen gaat die echt in zijn naam hebben gedaan, zegt Jezus dan toch: "Nooit heb ik u gekend"? Wellicht is het mogelijk dat we daden in zijn naam kunnen verrichten die groot zijn omdat ze in zijn naam zijn verricht; dus hij deed het, niet wij. Maar meer voor de hand ligt dat we als criterium hanteren dat het om de wil van de Vader gaat en niet om eigen wil, eigen behoefte, maar in dienst van. Als wij in dienst van de Vader werken hebben verricht - met Jezus' naam als hulp - dan kent hij ons.

Er is nog iets: "Ik heb u gekend". 'Kennen' - meer dan 'leren kennen', bij Jezus is het ook 'erkennen' en 'herkennen'. Hij hoeft ons niet te 'leren kennen'. Hij ziet en weet en kent, helemaal. "Laat uw lichtend gelaat over uw dienaar/dienares schijnen" hebben we gebeden in de psalm. Mogen we niet vragen of hij zijn Licht laat schijnen tot in onze ziel? Hij kent ons toch. We werden opgeroepen om die woorden in ons hart te prenten maar ook in onze ziel, waar het goddelijk levensbeginsel ligt, Het Woord. Is er dan geen herkennen, erkennen, kennen? "In 't zalig Licht van Aangezicht tot aangezicht". In stille allesomvattendheid.

Ik hoop dat e.e.a. ook jongeren aanspreekt. Als je jong bent, ligt dadendrang voor de hand - aanpakken! Niks mis mee. Maar houd in de gaten dat je het het vruchtbaarst werkt als je in dienst van de Vader doet. Dat vraagt om kritisch tegen je bedoeling aankijken; dat biedt troost als het anders gaat dan je dacht dat het zou moeten gaan; dat schept een band. Je hoeft het nl. niet alleen te doen en die band knelt niet.

Laat uw lichtend gelaat over mij schijnen bij denken en doen, tot in mijn ziel.
Zullen we ons even bezinnen?